|
|
 |
|
 |
| |
|
Fietsroute - Bordenroute |
|
|
|
 | | Klik voor een vergroting | Maak kennis met een schat aan cultuur en historie in de prachtige omgeving van Medemblik, Andijk en Wervershoof. De bordenroute verbindt op unieke wijze het heden met het verleden. Op 16 locaties in de regio treft u al fietsend of wandelend borden met daarop een afbeelding en een korte omschrijving van de situatie ter plaatse in een ver of minder ver verleden. In de nabijheid van de borden bevinden zich interessante bezienswaardigheden waar op ludieke wijze naar wordt verwezen. Combineer geschiedenis en nostalgie met rust en ruimte. Ervaar Medemblik en omgeving!
Om het bordenroute overzicht te downloaden (pdf) klikt u hier.
| Bord 1 |
|  | | Oosterdijk-Oudevaartsgat - Medemblik | Een legende uit 1517 wil dat op deze plek aan de Zuiderzee het kasteel heeft gestaan van Radboud, koning der Friezen. Dit moet in de zevende eeuw zijn geweest. De resten ervan zijn echter nooit teruggevonden. Anders ligt dat met de sterke burcht die Graaf Floris V van Holland in Medemblik liet bouwen, aan het eind van de dertiende eeuw. Floris had hiervoor een goed verdedigbare plek uitgekozen, aan drie kanten grenzend aan de Zuiderzee. Deze burcht maakte deel uit van een hele reeks verdedigingswerken om de Westfriezen in bedwang te houden. De enige bewaarde burcht hiervan is Kasteel Radboud. |
| Bord 2 |
|  | | Overtoom - Medemblik | De huidige Bonifaciuskerk is een laatgotische hallenkerk met drie beuken, waarvan de zuidbeuk onder één dak ligt met de middelste beuk. De bouw ervan begon in 1404 en werd in de loop van de vijftiende eeuw voltooid. Bij de overval door Grote Pier in 1517 werd de kerk in brand gestoken, net als een groot deel van Medemblik. Slechts de toren bleef gespaard. Het gebouw in zijn huidige vorm stamt uit 1555. De toren is dus ongeveer honderd jaar ouder. De scheefstand van de toren wordt waarschijnlijk veroorzaakt door de drooglegging van de Wieringermeer. Vast staat dat de toren de afgelopen dertig jaar gemiddeld 3 mm per jaar in noordoostelijke richting is scheefgezakt. |
| Bord 3 |
|  | | Kaasmarkt-Nieuwstraat - Medemblik | Medemblik is al ruim twaalfhonderd jaar permanent bewoond. Aanvankelijk vestigden de bewoners zich vooral rond de Bonifaciuskerk. Dit bleef door de eeuwen heen vrijwel onveranderd, met het huidige oude stadscentrum als resultaat. Vooraan bevindt zich de Kaasmarkt met aan je linkerzijde het markante gebouw ‘de Waag’ uit 1692 die eeuwenlang als stadswaag dienst deed, tot de laatste waagmeester rond 1920 vertrok. Na de Kaasmarkt zie je links de Saliebarak en rechts het Gedempte Achterom. Op de afbeelding zijn de straatjes nog grachtjes, zoals het tegenwoordige 'Achterom' in het verlengde van de Saliebarak. In de Nieuwstraat werd het middendeel pas in 1950 verhard. Hier wordt al sinds 1842 elk jaar op de derde maandag van september de harddraverij gehouden. Een traditie die haar oorsprong vindt in de marineopleiding voor adelborsten, gevestigd op de Landswerf, links te zien aan de overkant van het water. |
| Bord 4 |
|  | | Landswerf-Westersingel - Medemblik | Op de Nationale Vergadering van 21 november 1797, tijdens de Bataafse Republiek, wordt besloten tot de aanleg van een landswerf te Medemblik. Deze werf omvat een aantal gebouwen en een droogdok voor de reparatie van schepen. Op 17 september 1799 wordt het minimaal verdedigde Medemblik door de Engelsen bezet, waarna het op 11 oktober door Bataven, met steun van de Fransen, weer wordt heroverd. De Landswerf is dan echter leeggeroofd door de Engelsen en gedeeltelijk in brand gestoken. In de Franse tijd maakt de Landswerf een bloeiperiode door dankzij de vele reparaties aan oorlogsschepen. Na een bezoek van Napoleon in 1811 wordt per decreet bepaald dat Medemblik samen met Hellevoetsluis en Nieuwediep (den Helder) de enige oorlogshavens in Holland zal vormen. |
| Bord 5 |
|  | | Dijk achter het station - Medemblik | Hier zie je gemaal ‘Lely’, genoemd naar ingenieur Cornelis Lely. Als minister van Waterstaat was hij nauw betrokken bij de plannen voor drooglegging van de Wieringermeer. In 1920 vinden hiervoor de eerste tastbare handelingen plaats. Met de zogeheten 'beteugeling van het Amsteldiep' worden de diepste geulen in de bodem van de toekomstige Wieringermeerpolder gedicht. Vanaf 1925 zorgt de drooglegging van dit deel van de Zuiderzee voor een sterke toename van de bedrijvigheid in Medemblik. De toegestroomde arbeiders worden onder meer gehuisvest in noodvoorzieningen langs de spoorlijn achter je. Meer westelijk, richting de molen, verrijzen nog meer houten gebouwen voor de huisvesting van Zuiderzeewerkers. Hiervan staat er nog één overeind bij ‘het gat van de dijk’, de ingang in de Wieringermeer, gezien vanuit Medemblik. Het is het zwarte houten huis tegenover het poortgebouw, naast de molen. |
| Bord 6 |
|  | | Landstraat-Dijkweg - Andijk | In 1873 krijgt de Wieringerwaard stoombemaling. Hiermee zijn de oude windwatermolens overbodig geworden en worden ze verkocht. Timmerman Pieter de Vries (1830-1896) ziet er wel brood in en koopt de molen aan de Nieuwe Sluis voor duizend gulden (afbraak). Hij laat de molen bij de Krimper in Andijk herbouwen om meel voor de bakkers en veevoer voor de boeren te malen en doopt hem om tot 'Land- en Zeezicht'. Hiermee krijgt Andijk eindelijk zijn eigen korenmolen. Helaas blijkt Pieters enthousiasme voor het molenaarsvak groter dan zijn beurs. De hoge herbouwkosten drukken hem als een molensteen op de schouders en al in 1877 gaat hij failliet. Hier zou ook een ruzie met de dorpselite mee te maken hebben. Een illusie en veel geld armer vertrekt hij met zijn gezin naar Renkum. Op 22 november 1881 koopt Hendrik Tuytel uit Alblasserdam de molen voor negenduizend gulden. Sindsdien staat deze bij iedereen bekend als 'de molen van Tuytel'. |
| Bord 7 |
|  | | Middenweg-Dijkweg - Andijk | In 1836 werd in Andijk de gereformeerde kerk opgericht, aanvankelijk een eenvoudig gebouwtje met rieten dak, daarna een zwart geteerd houten gebouw met ramen in de vorm van ‘echte‘ kerkramen. Dit gebouw stond op palen, zodat je onder de kerk door kon kijken als je bukte! Toen de kerk te klein werd, kwam er een nieuw stenen kerkgebouw. Op de foto is te zien dat het middelste raam is dichtgemetseld: dat scheelde weer raambelasting! In 1929 bleek het gebouw wederom te klein en werd het huidige kerkgebouw neergezet, de oude kerk werd verkocht aan Minne van Heezen, die er een machinefabriek van maakte. Het nieuwe kerkgebouw is een van de meest opvallende gereformeerde kerkgebouwen in Nederland. In de gebrandschilderde ramen zijn voorstellingen van handel, techniek en landbouw te zien. In 1985 werd de kerk geplaatst op de lijst van rijksmonumentenzorg. |
| Bord 8 |
|  | | Dijkweg - Andijk | De droogmaking met windmolens in de 16e en 17e eeuw zorgde overal voor de aanwinning van vruchtbaar land. Dit opende ook de ogen van de Andijkers. Zij zagen in dat het ontwateren van hun leefgebied moest worden versneld en lieten in 1545 de eerste vier watermolens aan de Molenweg plaatsen. Dit bleek een hele vooruitgang. De bewoners profiteerden van het nieuwe land en zetten er nog een vijfde molen bij. Omstreeks 1840 stonden in totaal dertien windmolens in polder 'het Grootslag'. Ruim drie eeuwen hebben deze molens hun nuttig werk gedaan, totdat de bouw van het stoomgemaal 'Grootslag I' in 1863 het stoomtijdperk inluidde. Aanvankelijk werd 'Grootslag I' als hulpgemaal naast de molens ingezet. Kort daarna werd het vergroot omdat windmolen 'de Admiraal' werd afgebroken. Hierna zouden nog diverse uitbreidingen volgen. Tussen 1907 en 1908 werden de overige vier windmolens van Andijk gesloopt. Het stoomgemaal had ze overbodig gemaakt. Het gemaal kreeg in 1915 dieselaandrijving, in 1926 gevolgd door een elektrisch gemaal. |
| Bord 9 |
|  | | Hornpad - Andijk-oost | Hier kijken we recht het Hornpad in met op de achtergrond ‘de bouwersputten’, gelegen aan de Horn. Deze twee putten zijn ontstaan nadat in 1920 de Dijkgracht moest worden gedempt als gevolg van de stormramp in 1916. De Oosterput is sinds jaar en dag het domein van hengelsportvereniging ‘De Dobber’ en geldt als de mooiste visstek van Andijk. In 1947 koopt de gemeente de Westerput aan om deze vervolgens voor een groot deel te dempen met vrijgekomen grond van de wegaanleg Andijk-Grootebroek. Het resterende deel wordt gebruikt voor de stort van huisvuil. Als er in 1973 een centrale stortplaats in Westwoud wordt aangelegd, krijgen de Brouwersputten een nieuwe bestemming. Het gebied wordt ingericht als recreatiegebied met een park, een dierenweide en een vijver. |
| Bord 10 |
|  | | Noordeinde-Pannepad - Lambertschaag | Je bevindt je nu op het kruispunt Noordeinde/Pannepad. Het fietspad 'Pannepad' is werd in 2005 gerealiseerd en het loopt naar het dorp De Weere. Het fietspad is vernoemd naar de beroemde Pan fokstieren van de familie Stapel, die hier meer dan 100 jaar heeft gewoond en geboerd. Op Noordeinde 26 werden de zogeheten 'Wijntjes en Bertha’s' gefokt en gemolken. Hier begonnen de stieren hun loopbaan als fokstier. Ze werden over de hele wereld verkocht en nog steeds komen nazaten voor in meer dan dertig landen! In de jaren '70 was het de meest vooraanstaande fokstal van Nederland. Abbekerk komt als plaatsnaam voor het eerst voor in 1310 als 'Abbenkerke'. Deze plaatsnaam zou verwijzen naar een kerk van de persoon of familie 'van Abbe(n)'. De stad was gelegen aan de Westfriese Omringdijk. Vroeger aan het water, tegenwoordig aan de polder van de Wieringermeer. Het dorp Abbekerk zelf ligt niet aan de dijk, dit is het dorp Lambertschaag. |
| Bord 11 |
|  | | Oosterstraat-Kerkelaan - Benningbroek | Hier zie je het Witte Kerkje van Benningbroek van omstreeks 1505, Daarvoor had op dezelfde plek een houten kerkje gestaan, dat op een terp was gebouwd ter bescherming tegen het water. Eeuwenlang was West-Friesland geteisterd door grote overstromingen, maar circa 1000 jaar na Christus werd het gebied langzamerhand bewoonbaar. Men vestigde zich op hoger gelegen kreekruggen en oeverwallen langs riviertjes. Door de groei van de bevolking ontstonden zo dorpjes met hun kenmerkende lintbebouwingen. Door een beter afwatering van de veen- en moerasgronden kon ook in het gestichte dorpje Benningbroek de grond worden ontgonnen en geschikt gemaakt voor het verbouwen van graan en het houden van vee. |
| Bord 12 |
|  | | Zijdwerk - Wervershoof | Volgens de ingemetselde stichtingsteen vond de eerstesteenlegging van Molen De Hoop in Wervershoof plaats op 11 april 1889. De hoge, kasteeldikke muren dateren zeker uit dat jaar. De watermolen die de molenaars Vlaar indertijd kochten om op deze muren te laten plaatsen, is zo goed als zeker molen ‘nummer 3’, afkomstig uit de in 1960 opgeheven Binnendijkse Buitenveldertse polder. In de voormalige gemeente Nieuwer-Amstel. De huidige molen is de vervanger van de meelmolen die in 1630 iets noordelijker was gelegen. Om deze te kunnen bouwen moest het stadsbestuur van Medemblik toestemming geven. Dat deed zij op voorwaarde dat Wervershoof een overhaal zou maken in de Lagedijk, pal naast de huidige Simon Koopmanstraat. Hierdoor was Medemblik vanuit de polder Het Grootslag gemakkelijk per schuit te bereiken. |
| Bord 13 |
|  | | Oostwouder Dorpsstraat - Oostwoud | Oostwoud is een typisch ‘dijkdorp’. Wie oog heeft voor detail kan hier nog volop genieten van de karakteristieke overblijfselen. Tussen de huizen en boerderijen op de noordzijde door is de kruin van de dijk nog duidelijk zichtbaar. Het water lag aan de zuidzijde van de dijk, daar waar nu de oude melkfabriek staat. De spaarzame bebouwing die je hier aantreft is te verklaren uit het feit dat deze plek van oorsprong het voorland van de dijk was. Pas toen er geen gevaar meer te duchten was van het aanstormende water in dit gebied, is men ook begonnen met bebouwing aan deze zijde. Als je hier staat is bijna niet meer voor te stellen hoe de situatie in die tijd was. Tegenwoordig houdt men overal in Oostwoud de voeten droog. |
| Bord 14 |
|  | | Slikkersplein/Kerkebuurt - Opperdoes | Je staat nu op het Oosteinde, in de volksmond ook wel het 'Slikkersplein' genoemd, naar de familie Slikker die hier lange tijd heeft gewoond. Op nummer 42 was van 1895 tot 1938 zuivelfabriek 'De Tijdgeest' gevestigd. Op nummer 43 bevond zich tot 1940 de Christelijk Gereformeerde Kerk, die nu aan het Noorderpad staat. Naast de kaasfabriek staat tegenwoordig een nieuw huis, op de plaats van een grote boerderij die door brand werd verwoest. Sinds 30 april 2002 is hier 'De Bijenstal' gevestigd. Rondom het plein moeten nog zeven boerderijen - stolpen - hebben gestaan. De boerderijen in Opperdoes worden vaarboerderijen genoemd. De zogeheten 'darsdeuren' bevinden zich aan de voorkant aan de weg of de slootkant. De boeren hadden in vroeger tijden veel vaarland, want door de ligging en vorm van Opperdoes - een komdorp - was het meestal niet mogelijk al het land bij de boerderij te hebben. De boeren moesten er dus per schuit naartoe. |
| Bord 15 |
|  | | Dorpsweg - Twisk | Al 2000 jaar voor Christus woonden er mensen in het gebied rond de Horn, nog altijd een van de hoogst gelegen delen van Twisk. Hun aantal was bescheiden want het gevaar van de zee was groot. De bewoners leefden er van kleinschalige veeteelt en visserij. De naam Twisk is afgeleid van het Oudfriese ‘Twisca’, wat ‘tussen’ betekent. Mogelijk verwijzend naar de oorspronkelijke ligging tussen twee dorpen. Deze naam dateert van 1245, de tijd waarin het nonnenklooster van Hemelum (Friesland) stukken land in Twisk bezat. Vanaf 1311 komt Twisk in de officiële registers voor en in 1395 wordt de dorpskerk genoemd in de archieven van het bisdom Utrecht. De bewoners leefden er in armoede en hun behuizing was primitief. Hoewel de dijk van Schagen naar Medemblik in 1334 gereed kwam, bleef de angst voor de zee bestaan. Nog datzelfde jaar zou de Sint Clemensvloed onze kust teisteren. |
| Bord 16 |
|  | | Kerkweg-Kerkstraat - Wognum | Huize Sint Agnes dateert uit 1895. Tegenwoordig is het gebouw ingericht als kantoorruimte, maar oorspronkelijk werd het bewoond door de zusters Franciscanessen. Zij boden opvang aan kostschoolkinderen en later deed Sint Agnes nog dienst als bejaardenhuis. Op oude foto’s prijkt nog het Piusgebouw uit 1878 naast Sint Agnes. Van hieruit begonnen de zusters Franciscanessen destijds hun werk voor de rooms-katholieke gemeenschap van Wognum. Het Piusgebouw werd gesloopt toen het plaats moest maken voor een ontsluitingsweg naar de wijk Noordhoek. Waar nu de Hiëronymusschool staat, stond tot 1971 de oude kerk. Deze werd gesloopt nadat aan de andere kant van de Kerkstraat een nieuwe was verrezen. Dit zeshoekige gebouw werd in 1970 ingewijd. In de toren hangen drie klokken, waarvan de grootste afkomstig is uit de oude kerk. |
|
|
|
 |
|
 |
|
| |